22 augustus 2011
“Hebben jullie thuis eigenlijk wel een vriezer? En mag je alcohol drinken?” Een beetje verbaasd luister ik naar de vragen die mij zojuist tijdens onze intro-activiteit gesteld worden. De vragensteller, een gast tijdens onze mentorgroepmaaltijd, kijkt me verwachtingsvol aan. Glimlachend leg ik uit dat een vriezer en alcohol bij ons echt niet op de zwarte lijst staan. Toch schrik ik wel een beetje van het beeld dat mensen van christenen, van onze vereniging hebben. Als de vragensteller doorvraagt over seks voor het huwelijk en meer van dat soort zaken, merk ik dat ik het best lastig vind om zijn vragen te beantwoorden. Ik ben bang om dingen verkeerd uit te leggen en ergens schaam ik me misschien ook wel, omdat sommige van mijn antwoorden totaal anders zijn dan zijn levensvisie. Toch luistert de vragensteller belangstellend. Wat ik zeg past niet bij hem, maar we hebben een leuk gesprek. Aan het einde van de maaltijd worden we hartelijk bedankt voor het eten en uitgenodigd om eens bij hen langs te komen. Eigenlijk als je echt in gesprek gaat met de ander, valt de ander best wel mee. Soms kan het onbekende je een beetje afschrikken. Toch hoop ik dat we als vereniging juist open mogen staan voor anderen en bekend staan als mensen die makkelijk ontdooien, ook al hebben we wel een vriezer. Onze vereniging is misschien niet groot, maar hopelijk geldt hier: “Klein, maar dapper”.
Roos
